kreitsen

Toestel/opstelling: paddenstoel

Omschrijving: Streksteundraaien waarbij het lichaam een kring maakt rond de armen en en de armen gehoffen worden wanneer ze het lichaam passeren.

Synoniemen

  • kronen (Nederlands)
  • flanken (Nederlands)
  • kringflanken (Nederlands)
  • kreisen (Deutsch)
  • double leg circle (English)

Aandachtspunten

  • hoofd neutraal (niet naar handen gaan kijken)
  • zolang mogelijk op 2 handen blijven steunen om snelheid te kunnen blijven maken

Beschrijving

Het kreitsen kan opgedeeld worden in volgende fasen: heenzwaai (1), rugligsteun (2), terugzwaai (3) en voorligsteun (4).

Tijdens de volledige beweging blijven de schouders boven de armen en is het bekken steeds open. In de heenzwaai leidt een bekken de beweging. Hierbij steunt het volledige lichaam op 1 gestrekte arm. De andere arm wordt naast het lichaam gebracht.

In de ruglingse steunfase is het lichaam maximaal uitgestrekt en steunt het op 2 handen achter het lichaam.

In de terugzwaai leiden de hielen de beweging. Het bekken is open en het volledige lichaam steunt terug op 1 gestrekte arm. De andere arm wordt weer naast het lichaam gebracht.

In de voorlingse steunfase bevindt het lichaam zich in een S-vorm met een bolle borst en het bekken naar voor gekanteld.

De handen dienen steeds op dezelfde plaats terug gezet worden. Zoniet moet er een correctie met het lichaam gemaakt worden, waardoor de stabiliteit van de oefening in het gevaar komt.\r\n

Fouten analyse

Hoek in het bekken in de ruglingse steun.

Oorzaken: Gebrek aan vormspanning. De gymnast heeft gesprongen om het kreitsen in te zetten, waardoor hij reeds gehoekt start. De gymnast begint met zijn bekken te hoog in de voorlingse steun. Bekken leidt de heenzwaai niet in. Te weinig abductie van de armen.

Oplossing 1: Kreitsen inzetten door been bij te brengen tot zwaai.

Oplossing 2: Meer fysieke voorbereiding of een stap terug gaan (bv. emmerkreitsen).

Oplossing 3: Focus op "het bekken laten leiden".

Oplossing 4: Eerst een goede kwartzwaai alvorens verder te gaan.

Niet terug tot voorlingse steun geraken.

Oorzaken: Bekken blijft niet parallel met het toestel. Schouders blijven niet boven de handen. Handen worden te vroeg (Spindle) of te laat geplaatst.

Oplossing 1: Bekken tegen de richting indraaien bij de terugzwaai zodat het lichaam parallel met het toestel is.

Oplossing 2: Tegenleunen bij het kreitsen; wanneer het onderlichaam naar rechts gaan, gaat het bovenlichaam naar links leunen en omgekeerd.

Oplossing 3: Beweging vertragen met hulp voor de juiste handplaatsing.

Tegen toestel slaan.

Oorzaken: Te weinig snelheid. Te weinig amplitude in de beweging.

Oplossing 1: Sneller de benen samenbrengen bij de opzwaai.

Oplossing 2: Kreitsen op paddenstoel met boog met handen naast de boog.

Oplossing 3: Spanning houden.

te weinig snelheid

Oorzaak: Te kort steunen op beide handen.

Oplossing: Zo lang mogelijk op beide handen blijven steunen (trekken/duwen) en hand zeer snel verplaatsen.

Links

Voorbereiding

Uitbreiding